
Adviesrecht OR: zo werkt artikel 25 WOR
De ondernemingsraad heeft volgens artikel 25 van de Wet op de ondernemingsraden adviesrecht over belangrijke voorgenomen besluiten van de bestuurder. Denk aan een reorganisatie, fusie, overname, verhuizing, grote investering of belangrijke technologische verandering.
De bestuurder moet het advies vragen voordat het besluit definitief is. De OR moet op dat moment nog wezenlijke invloed kunnen uitoefenen. Is de uitvoering al begonnen of liggen de belangrijkste keuzes al vast? Dan is de ondernemingsraad mogelijk te laat betrokken.
In dit artikel leggen we uit wanneer de OR adviesrecht heeft, wat een goede adviesaanvraag bevat en hoe het adviestraject verloopt.
Wat is het adviesrecht van de OR?
Het adviesrecht geeft de ondernemingsraad invloed op belangrijke economische en organisatorische besluiten. De OR mag het voorgenomen besluit onderzoeken, vragen stellen, alternatieven voorstellen en uiteindelijk een onderbouwd advies uitbrengen.
De bestuurder hoeft dat advies niet altijd over te nemen. Hij moet het wel serieus meewegen. Wijkt het definitieve besluit af van het advies, dan moet de bestuurder uitleggen waarom. Onder bepaalde voorwaarden kan de OR vervolgens in beroep gaan bij de Ondernemingskamer.
Adviesrecht is iets anders dan instemmingsrecht. Bij adviesrecht geeft de OR zijn oordeel over een voorgenomen besluit. Bij instemmingsrecht heeft de bestuurder voor bepaalde personele regelingen in beginsel toestemming van de OR nodig. Beide bevoegdheden maken deel uit van de rechten van de ondernemingsraad volgens de WOR.
Over welke besluiten heeft de OR adviesrecht?
De OR heeft adviesrecht over belangrijke besluiten die de eigendom, strategie, financiën, werkzaamheden of inrichting van de onderneming raken. Artikel 25 WOR noemt verschillende categorieën. In de praktijk zijn deze onder te verdelen in veranderingen van zeggenschap, veranderingen binnen de organisatie en andere ingrijpende bedrijfsbeslissingen.
Fusie, overname en samenwerking
De OR heeft adviesrecht wanneer de zeggenschap over de onderneming of een onderdeel daarvan wordt overgedragen. Dat kan gebeuren bij een fusie, overname of verkoop van een bedrijfsonderdeel.
Het adviesrecht kan al ontstaan voordat de definitieve koopovereenkomst wordt gesloten. Een intentieverklaring kan bijvoorbeeld belangrijke afspraken bevatten over de prijs, organisatiestructuur, werkgelegenheid of toekomstige locatie. Als de speelruimte door zulke afspraken grotendeels verdwijnt, moet de OR mogelijk al over de intentieverklaring kunnen adviseren.
Artikel 25 heeft ook betrekking op het overnemen of afstoten van een andere onderneming en op het aangaan, wijzigen of beëindigen van een duurzame samenwerking. Denk aan een joint venture of een strategisch samenwerkingsverband met grote gevolgen voor de eigen organisatie.
Een fusie of overname bestaat meestal uit verschillende besluiten. De OR doet er daarom goed aan niet alleen naar de transactie te kijken, maar ook naar de financiële onderbouwing, integratieplannen en gevolgen voor medewerkers. Meer daarover lees je op onze pagina over OR-advies bij een fusie of overname.
Reorganisatie, sluiting en verandering van werkzaamheden
Een tweede belangrijke categorie betreft veranderingen binnen de onderneming. De OR heeft adviesrecht bij een belangrijke inkrimping, uitbreiding of andere wijziging van de werkzaamheden. Daar kan sprake van zijn bij een reorganisatie, het uitbesteden van werk, het beëindigen van een product of het concentreren van activiteiten op één locatie.
Ook het beëindigen van de onderneming of een belangrijk onderdeel daarvan valt onder het adviesrecht. Voorbeelden zijn de sluiting van een vestiging, het opheffen van een afdeling of het stopzetten van een belangrijke activiteit.
Voor adviesrecht is niet altijd vereist dat arbeidsplaatsen verdwijnen. Een reorganisatie zonder ontslagen kan eveneens adviesplichtig zijn wanneer taken, werkzaamheden of verantwoordelijkheden ingrijpend veranderen.
De OR moet in zo’n situatie kunnen onderzoeken welk probleem de reorganisatie moet oplossen, of de voorgestelde aanpak effectief is en welke alternatieven mogelijk zijn. Ook de financiële, organisatorische en sociale gevolgen moeten duidelijk zijn. Lees meer over de rol van de OR bij een reorganisatie.
Wijziging van de organisatie of bevoegdheden
De OR heeft ook adviesrecht bij een belangrijke verandering van de organisatiestructuur of de verdeling van bevoegdheden. Denk aan het samenvoegen van afdelingen, het verwijderen van een managementlaag, centralisatie van ondersteunende diensten of het verplaatsen van bevoegdheden naar een hoofdkantoor.
Niet iedere verschuiving in het organogram is adviesplichtig. Het moet gaan om een verandering die in verhouding tot de onderneming voldoende belangrijk is. De duur, omvang en gevolgen van de verandering spelen daarbij een rol.
Verhuizing, investeringen en technologie
Artikel 25 WOR geldt daarnaast bij een voorgenomen verhuizing van de onderneming. De OR kan dan onder meer kijken naar bereikbaarheid, extra reistijd, huisvesting, personeelsverloop en gevolgen voor roosters of thuiswerkafspraken.
Ook een belangrijke investering of het aantrekken of verstrekken van een belangrijk krediet kan adviesplichtig zijn. Of een investering belangrijk is, hangt niet alleen af van het bedrag. Het bedrag moet worden beoordeeld in verhouding tot de omvang en financiële positie van de onderneming. De strategische risico’s en gevolgen voor medewerkers tellen eveneens mee.
De invoering of wijziging van een belangrijke technologische voorziening valt ook onder artikel 25. Voorbeelden zijn automatisering, robotisering, een nieuw bedrijfssysteem of AI die werkzaamheden en functies ingrijpend verandert.
Bij technologie kunnen verschillende OR-rechten naast elkaar bestaan. De investering of organisatorische verandering kan onder het adviesrecht vallen. Wordt de technologie gebruikt om medewerkers te volgen, beoordelen of registreren, dan kan daarnaast instemmingsrecht bestaan.
Andere besluiten uit artikel 25 WOR
Artikel 25 noemt nog enkele specifieke situaties. De OR kan adviesrecht hebben bij het groepsgewijs werven of inlenen van arbeidskrachten, een belangrijke milieumaatregel en een regeling waarbij de onderneming zelf risico gaat dragen bij ziekte of arbeidsongeschiktheid.
Ook het verstrekken van een adviesopdracht aan een externe deskundige kan adviesplichtig zijn wanneer die opdracht betrekking heeft op een onderwerp uit artikel 25. De formulering van zo’n opdracht bepaalt immers welke problemen, oplossingen en alternatieven worden onderzocht.
Wanneer is een besluit belangrijk genoeg?
Niet iedere organisatorische of financiële verandering valt onder het adviesrecht. Bij verschillende onderdelen van artikel 25 moet sprake zijn van een belangrijk besluit.
Of een besluit belangrijk is, wordt beoordeeld in verhouding tot de onderneming. Daarbij zijn vooral de financiële, organisatorische en sociale gevolgen relevant. Hoe groot is de investering? Verandert de structuur van de organisatie? Verdwijnt een afdeling? Veranderen functies, standplaatsen of arbeidsplaatsen?
Een verandering die voor een multinational beperkt is, kan voor een middelgrote onderneming zeer ingrijpend zijn. Er bestaat daarom geen algemene grens voor het aantal medewerkers of de hoogte van een investering.
Ook verschillende kleinere maatregelen kunnen samen één belangrijke verandering vormen. Een bestuurder kan een samenhangende reorganisatie niet zonder meer aan het adviesrecht onttrekken door het plan op te delen in afzonderlijke besluiten.
Wanneer moet de bestuurder advies vragen?
De bestuurder moet advies vragen over een voorgenomen besluit. Dat betekent dat het plan voldoende concreet moet zijn om te beoordelen, maar nog niet definitief mag vaststaan.
De OR moet nog wezenlijke invloed kunnen uitoefenen. Daarvan is mogelijk geen sprake meer als de uitvoering al is begonnen, contracten definitief zijn ondertekend of medewerkers te horen hebben gekregen dat het besluit vaststaat.
In de praktijk is de juiste timing soms lastig. Vraagt de bestuurder zeer vroeg advies, dan ontbreken mogelijk nog belangrijke gegevens. Komt de aanvraag te laat, dan kan de invloed van de OR feitelijk verdwenen zijn. Daarom is het verstandig om al tijdens het periodieke overleg over de algemene gang van zaken afspraken te maken over verwachte besluiten en de betrokkenheid van de OR.
Wat moet in een adviesaanvraag staan?
Een adviesaanvraag moet de ondernemingsraad in staat stellen het plan, de onderbouwing en de gevolgen zorgvuldig te beoordelen. De aanvraag moet daarom duidelijk maken welk besluit de bestuurder wil nemen, waarom het nodig zou zijn en welke gevolgen worden verwacht.
Ook moet de OR kunnen beoordelen welke alternatieven zijn onderzocht en welke maatregelen worden genomen om negatieve gevolgen voor medewerkers op te vangen. Bij een reorganisatie of investering hoort daar gewoonlijk een controleerbare financiële onderbouwing bij.
Ontbreekt essentiële informatie, dan kan de OR om aanvulling vragen. Hij hoeft geen definitief advies te geven zolang hij het voorgenomen besluit niet zorgvuldig kan beoordelen. Gebruik hiervoor onze uitgebreidere uitleg over de informatie die bij een adviesaanvraag aan de OR nodig is.
Hoe verloopt de adviesprocedure?
Een adviestraject begint met het beoordelen van de aanvraag. De OR onderzoekt eerst of artikel 25 WOR van toepassing is en of de verstrekte informatie compleet is. Daarna maakt hij met de bestuurder afspraken over de planning, aanvullende vragen en momenten van overleg.
De OR mag alle informatie opvragen die hij redelijkerwijs nodig heeft om zijn taak uit te voeren. Bij een ingewikkelde financiële of organisatorische onderbouwing kan hij een externe deskundige inschakelen. Een onafhankelijke contra-expertise kan bijvoorbeeld duidelijk maken of aannames, prognoses en alternatieven voldoende zijn onderbouwd.
Voordat de OR zijn advies uitbrengt, moet het voorgenomen besluit ten minste eenmaal in een overlegvergadering worden besproken. Dit gesprek is bedoeld om vragen te beantwoorden, standpunten uit te wisselen en mogelijke alternatieven of voorwaarden te onderzoeken.
Daarna brengt de OR schriftelijk advies uit. Dat kan positief, negatief of positief onder voorwaarden zijn. Een goed advies maakt duidelijk wat de OR van de noodzaak en onderbouwing vindt, welke risico’s hij ziet en welke voorwaarden volgens hem nodig zijn.
De bestuurder informeert de OR vervolgens schriftelijk over het definitieve besluit. Daarbij moet hij aangeven hoe het advies is meegewogen en waarom bepaalde aanbevelingen of voorwaarden niet zijn overgenomen.
Hoeveel tijd heeft de OR om advies te geven?
De WOR bevat geen algemene termijn waarbinnen de OR moet adviseren. De ondernemingsraad moet voldoende tijd krijgen om de informatie te onderzoeken, vragen te stellen, overleg te voeren en zo nodig deskundigen of medewerkers te raadplegen.
Hoeveel tijd redelijk is, hangt af van de complexiteit en gevolgen van het besluit. Een eenvoudige investering vraagt doorgaans minder onderzoek dan een internationale overname of omvangrijke reorganisatie.
Tijdsdruk bij de bestuurder maakt een onvolledige adviesaanvraag niet automatisch volledig. De OR moet ontbrekende informatie wel tijdig benoemen en duidelijk uitleggen waarom extra tijd nodig is.
Wat gebeurt er als de bestuurder afwijkt van het OR-advies?
De bestuurder mag van het advies afwijken, maar moet dat schriftelijk motiveren. Bij een afwijkend besluit geldt in beginsel een opschortingstermijn van één maand. Tijdens die periode mag de bestuurder het besluit normaal gesproken nog niet uitvoeren, tenzij de OR aangeeft daartegen geen bezwaar te hebben.
De OR kan binnen één maand beroep instellen bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam. Dat kan ook aan de orde zijn als na het advies nieuwe feiten bekend worden die tot een ander advies hadden kunnen leiden.
De Ondernemingskamer beoordeelt niet simpelweg welk plan zij zelf het beste vindt. De centrale vraag is of de bestuurder bij afweging van alle betrokken belangen in redelijkheid tot zijn besluit kon komen. Een mogelijke procedure vraagt daarom om een zorgvuldige juridische en strategische beoordeling.
Wat kan de OR doen als geen advies wordt gevraagd?
Vermoedt de OR dat een besluit onder artikel 25 valt, dan is het belangrijk om snel te handelen. Vraag de bestuurder schriftelijk of sprake is van een voorgenomen besluit en leg uit waarom de OR meent adviesrecht te hebben.
Vraag vervolgens om de relevante informatie en om opschorting van verdere besluitvorming of uitvoering. Zet het onderwerp op de agenda van de overlegvergadering en leg vast dat de OR zijn wettelijke adviesrecht wil uitoefenen.
Komen OR en bestuurder er niet uit of dreigt het besluit te worden uitgevoerd, dan kan deskundige of juridische ondersteuning nodig zijn. Basis & Beleid kan de ondernemingsraad helpen met praktisch en onafhankelijk OR-advies.
Wanneer is ondersteuning bij een adviesaanvraag verstandig?
De OR kan veel zelf, maar een adviesaanvraag kan financiële, juridische en organisatorische vragen combineren. Externe ondersteuning is vooral nuttig bij een complexe reorganisatie, fusie of overname, twijfel over financiële prognoses of grote gevolgen voor medewerkers.
Een adviseur kan helpen om de aanvraag te analyseren, ontbrekende informatie zichtbaar te maken, alternatieven te onderzoeken en een onderbouwd OR-advies te formuleren. Daarmee behoudt de OR overzicht en kan hij zich richten op de keuzes die voor de organisatie en medewerkers werkelijk belangrijk zijn.
Heeft jullie ondernemingsraad een adviesaanvraag ontvangen of is onduidelijk of artikel 25 WOR geldt? Bekijk hoe Basis & Beleid ondersteunt met advies en begeleiding voor ondernemingsraden.
Veelgestelde vragen over het adviesrecht
Heeft de OR altijd adviesrecht bij een reorganisatie?
Nee. De verandering moet in verhouding tot de onderneming voldoende belangrijk zijn. Ook zonder ontslagen kan adviesrecht bestaan wanneer werkzaamheden, organisatiestructuur of bevoegdheden ingrijpend veranderen.
Is adviesrecht hetzelfde als instemmingsrecht?
Nee. Bij adviesrecht brengt de OR advies uit over een belangrijk voorgenomen besluit. Bij instemmingsrecht heeft de bestuurder voor bepaalde personele regelingen in beginsel instemming van de OR nodig.
Mag de bestuurder het advies van de OR negeren?
De bestuurder kan afwijken van het advies, maar moet uitleggen waarom. Daarna geldt in beginsel een opschortingstermijn van één maand en kan de OR mogelijk beroep instellen.
Heeft de OR adviesrecht bij outsourcing?
Outsourcing kan adviesplichtig zijn wanneer het leidt tot een belangrijke verandering van de werkzaamheden, organisatie of bevoegdheidsverdeling.
Mag de OR een externe adviseur inschakelen?
Ja. De OR kan een externe deskundige inschakelen wanneer dit redelijkerwijs nodig is. Als daaraan kosten zijn verbonden, moet de bestuurder vooraf over die kosten worden geïnformeerd.